De koning hoorde da t alle kippen
waren opgevreten.
En de koning begon
een beetje boos te worden.
En de koning zei, ministers,
ministers, wat is er toch aan de hand?
Heeft u niet een beter idee?
Eh, kardinaal,
komt u eens met een goed plan?
Wat gaan we met die
eend doen?
En de kardinaal zei,
Gooi die eend in een hele diepe put.
Dan zult u daar voorlopig geen last meer van hebben,
koning.
Da t is een goed idee, eh, kardinaal.
Gooi die eend in een hele dikke buk.
Moet ik...
Kwek, kwek, kwek, ik ben wel goed,
maar ik ben niet ik.
Waar was de vos, daar was de vos,
waar was de ladder, daar was de
ladder, ladder, ladder,
ik ga eraan als ik nu niet op jou kan staan.
Mais oui,
Alfredo, j 'arrive,
Alfredo, j 'arrive.
Où est le roi?
Où est le koning?
Koning, où ben jij?
Koning, où ben jij?
Koning, kan ik dan meteen
al voor u zingen?
Een schone aria, koning,
ik ben zo 'n grote bewonderaar.
De koning!
Oe, wat schimpel
en sirene!
Zit je in trouwot, die schint je la, jem, penè!
De koning!